25 jaar PCM
Wednesday, October 29th, 2008Dat Personal Computer Magazine dit jaar 25 jaar bestaat kon me nauwelijks ontgaan, dankzij de radiospotjes op (onder andere) Arrow Classic Rock. Hoewel ik al enige tijd niet meer aan dit blad verbonden ben, ben ik het blad op een afstandje blijven volgen.
Er is veel veranderd sinds 1983. Het wereldje waar PCM in 1983 over schreef verschilde op veel punten van het huidige. Een nieuwe computer of een nieuwe processor was groot nieuws en daar kon (en mocht) je vele pagina’s over uitweiden. Een nieuwe DOS-versie van WordPerfect was goed voor meerdere spreads. Nu heeft een nieuw model notebook misschien een schapleven van een maand of drie. Tegen de tijd dat een redacteur het apparaat getest heeft, is het zo goed als verouderd. Dat maakt het voor de huidige redacteuren extra lastig, want wat is nog nieuws als het exemplaar van je lijfblad in de winkel ligt? De conclusie is een inkoppertje: voor nieuws moet je op internet zijn, voor de noodzakelijke diepgang dient een blad als PCM.
Vele hoofdredacteuren heb ik zien komen en gaan. Paul Molenaar was de eerste die mij een stukje liet schrijven. Voor die tijd schreef ik DOS utility software, die onder de vlag van PCM verkocht werd. Nog op diskette, natuurlijk. Je eerste artikel blijft je altijd bij. Het handelde over software waarmee je via een seriële of parallelle kabel bestanden kon overzetten van de ene pc naar de andere. PARAC was er eentje van, herinner ik me. Paul, niet vies van een beetje humor, keek me aan en vroeg “Is dit je eerste artikel?”. “Ja”, antwoordde ik, enigszins bedeesd. “Dat kan nooit wat wezen” was het antwoord en mijn floppy verdween in de prullenbak. Volkomen verbijsterd keek ik naar het ronde archief. “Geintje hoor” zei Paul en viste de floppy weer uit de prullenbak. Mijn ontgroening was een feit.
Aan Sandra Dol heb ik ook goede herinneringen. Ze was zakelijker, misschien iets harder dan Paul, maar nodigde wel alle medewerkers af en toe uit voor een gezellige barbeque bij haar thuis. Ze vertrouwde me, maar niet tot elke prijs. Een test van de tekstverwerker UpWord (Wang) liet ze door een andere redacteur nog eens even controleren. Achteraf niet verbazend als je in een conclusie schrijft dat het enige bruikbare onderdeel van het pakket de meegeleverde muismat was. Mijn recensie sneed hout, maar werd voorzien van een wat diplomatieker toontje.
Dan Mat Heffels - spraakmakend, grote mond, maar een geweldige vent om mee samen te werken. Een man met veel humor, die zich er niet voor schaamde om te verkondigen dat hij tot zijn eigen doelgroep behoorde. Mat wist absoluut niets van computers, maar van bladen maken des te meer. Twee keer stond hij aan het roer van PCM.
Onder de bezielende leiding van Frank Meurs beleefde PCM zijn gloriedagen. De best verkopende nummers ooit staan op zijn conto. Frank had een neus voor wat zijn lezers bezig hield. Hij gaf zijn redacteuren veel vrijheid, dacht niet in voorgeprogrammeerde stramienen en dat werkte uitmuntend. Om onduidelijke redenen werd Frank door VNU aan de kant gezet en kwam er een abrupt einde aan de verkoopsuccessen. Zijn plaats werd ingenomen door Ferdinand Sennema, die net als ik ooit als freelancer bij het blad was begonnen.
Eén ding valt op: zo spraakmakend als vroeger lijkt het blad niet meer te zijn. PCM haalde in het verleden regelmatig de pers. ‘Tros Radar’, het radioprogramma ‘Met het oog op morgen’, Vara’s ‘Kassa’, de Wereldomroep - regelmatig zat er een redacteur van PCM in de uitzending of werd het blad aangehaald. Het leverde veel publiciteit op en de bijbehorende nummers deden het een stuk beter in de losse verkoop.
PCM, het gaat je goed. Brei er nog maar eens 25 jaar aan vast.










